Stichting ViiA

Niek van der Aar geeft taalles

Op een dinsdagavond, een half uurtje voordat zijn les begint, heb ik afgesproken met vrijwilliger Niek van der Aar. Hij zit al op me te wachten in een vierkant leslokaaltje in het buurtcentrum aan de Derde Oosterparkstraat. Hier geeft hij elke dinsdagavond les aan niet-Nederlandstaligen. De les begint om half acht en eindigt om half 10.


Niek is een gepensioneerde leraar Nederlands. Voor zijn pensioen gaf hij les op een middelbare school in Huizen. Maar lesgeven was niet het enige wat hij deed, hij hield zich ook bezig met de organisatie van de school. Dus bij zijn pensionering dacht hij: ‘Ik ga lekker niks doen, even ‘uitfietsen’.

Dit ‘uitfietsen’ heeft zo’n 3 a 4 jaar geduurd. Totdat hij bij zichzelf dacht: ‘Nu moet ik maar weer eens wat gaan doen’.  Hij liep op een dag tijdens het boodschappen doen het kantoor van ViiA op IJburg binnen met de vraag of ze nog iemand konden gebruiken die Nederlands kon geven. En dat was het geval.

Zo belandde hij in Amsterdam Zuid-Oost. Bij een stichting die lessen voor analfabeten verzorgde. Hij had een groep van 10 mannen en vrouwen, hoofdzakelijk uit Ghana. En deze manier van lesgeven bleek zwaarder dan gedacht.  Want iemand die zijn eigen taal niet kan lezen of schrijven, heeft geen referentie of vergelijkingsmateriaal voor een nieuwe, vreemde taal.

‘ Je wordt teruggeworpen op het basisprincipe van: hoe leer ik iemand iets vanaf 0. Dit was erg interessant.’ Er was niet veel materiaal voor deze groep, dus Niek maakte zelf lesmateriaal en oefeningen voor zijn groep. En ze spraken met elkaar af dat tijdens de lessen er alleen Nederlands gesproken mocht worden.

Helaas hield de subsidie op, en verdwenen daarmee ook de lessen voor de analfabeten. Na een tussenstop in Oud-West kwam hij terecht bij Dynamo in Oost. Hier geeft hij les aan 8 mensen die komen uit landen zo divers als Polen, Brazilië, Egypte, Portugal en Zuid-Korea. Zijn lessen deelt hij met een andere docent, die er op de donderdagen is. Ze hebben veel contact over hun lessen, over waar ze gebleven zijn en wat er herhaald mag worden.

Voor deze groep is er ook niet veel geschikt lesmateriaal, en daarom maakt Niek het meeste materiaal zelf. Hierbij houdt hij rekening met de individuele behoeftes van de cursisten, en past zo zijn materiaal op hen aan.

Hij is één van de weinige vrijwilligers in het buurtcentrum wie ook een opleiding als Nederlands leraar gevolgd heeft. Maar voor het lesgeven op deze manier is het ook niet nodig volgens Niek.  ‘Het is een kwestie van inzetten, heel goed kijken en luisteren, hoe komt het zojuist vertelde over? Dat zie je wel aan gezichten. Dan zeg je het maar weer gewoon anders. Ik ben geen voorstander van alleen maar praten, ik laat ze spreekbeurten houden. Ik moet zelf niet te veel aan het woord zijn, zij moeten voornamelijk aan het woord zijn.’

Hij laat me een voorbeeld van het door hem gemaakte lesmateriaal zien. Het is een oefening met aanwijzende voornaamwoorden. De manier waarop de oefening is gemaakt laat de lezer inzien welk woord wanneer gebruikt wordt. Niek voegt hier aan toe dat hij de cursisten zoveel mogelijk de regels zelf laat ontdekken.

Even terug: Het was 2011 toen hij ViiA binnenstapte. Hoe ging dat?

‘Nadat ik was ‘uitgefietst’ en bedacht dat ik weer eens wat wilde gaan doen ging ik bij mezelf na: Wat kan ik doen? Wat kan ík?’

Voor Niek was het logisch dat hij als voormalig Nederlands docent bij niet-Nederlandstaligen terecht kwam. In zijn geval bij de groep met analfabeten.
‘Toen ik begon wist ik nog niet zo goed waar ik aan begon, want in Zuid-Oost heb ik echt gepuft en gezweet, en gedacht: moet ik niet stoppen?’ Maar hij zet door, want hij krijgt er veel voor terug.
‘Na een paar maanden kunnen ze zinnetjes gaan maken  en wanneer dan iemand de les in komt en zegt: Hallo meneer Niek, hoe gaat het? Dat is toch hartstikke leuk?!’

Via zijn werkzaamheden in de Derde Oosterparkstraat werd hij ook gevraagd voor een beginnersgroep in IJburg. Dit is weer heel anders dan de gevorderden groep in Oost. Qua lesgeven kan hij er meer in stoppen bij de IJburg groep. En juist dit niveau verschil tussen de twee groepen vind hij leuk en uitdagend.

‘Ik moet ook ontzettend nadenken, het is iets heel anders dan op de middelbare school een boek te volgen.’

 

Tekst en foto: Marije van Woerden

Comments are closed.